Skip to main content
Open Correctiemodellen. Kies de actie die past bij je materiaal: een bestaand model importeren, zelf een model opbouwen, vragen uit de vragenbank overnemen, met Toets genereren een toets laten maken uit leerdoelen en lesstof, of met Variant maken een nieuwe versie van een bestaande toets.

Bestaand materiaal importeren

  1. Open de uploadwizard en geef titel en vak op.
  2. Voeg de opgaven en het correctiemodel toe. Als ze in aparte documenten staan, gebruik je de aparte invoervelden.
  3. Laat de documenten analyseren.
  4. Controleer per vraag de tekst, het type, het verwachte antwoord, de deelcriteria en de punten.
  5. Controleer de cijferformule en sla het model op.

Zelf invoeren

Maak vragen aan met het passende type. Stel het maximum en eventuele subcriteria in. Voor meerkeuze, koppelen, volgorde, invullen en waar of onwaar voer je ook de juiste opties of relaties in. Bij een tekenvraag kun je een voorbeeldtekening opnemen. Voeg waar nodig bronnen toe voor opgaven of context. Voor een verslag kies je een rubric met onderdelen en niveaus. Controleer per niveau hoe de punten worden toegekend.

Genereren uit leerdoelen

Geef vak, Niveau en leerjaar, moeilijkheid en leerdoelen of lesmateriaal op. Met lesmateriaal mogen leerdoelen leeg blijven. Controleer eerst de voorgestelde toetsmatrijs en daarna de gegenereerde vragen. De generatie kan in etappes verlopen. De uitkomst blijft een concept dat je inhoudelijk moet nakijken.

Vragen uit de vragenbank

  1. Open een correctiemodel en klik op Vragenbank.
  2. Kies een tabblad: Openbaar, Team, Mijn vragen of Eindexamens.
  3. Filter op vak, niveau, leerjaar of onderwerp en klik op een vraag om het antwoordmodel en de bronnen te zien.
  4. Vink de vragen aan die je wilt gebruiken en klik op toevoegen.
  5. Controleer de toegevoegde vragen, punten en bronnen in je model.
Een eigen vraag bewaren voor later? Klik bij die vraag op de drie puntjes en kies Opslaan in vragenbank. Een heel eindexamen gebruiken? Kies op het tabblad Eindexamens voor Inlezen als correctiemodel.

Variant maken

Klik op Correctiemodellen op Variant maken en kies het correctiemodel of de toets waarvan je een variant wilt. Het AI-model leest de oude toets, inclusief bronteksten, en maakt een nieuwe versie met vergelijkbare vragen. Ook de assistent kan een variant voor je maken. Controleer de nieuwe vragen en antwoorden voordat je de variant gebruikt.

Versies en wijzigingen

Een model kan meerdere versies hebben. Kies voor een afname de versie die de leerlingen moeten krijgen. Als er al werk met een versie is beoordeeld, controleer het effect van wijzigingen voordat je opnieuw laat nakijken. Gebruik de mappen op Correctiemodellen om de lijst overzichtelijk te houden.
Bij een fout in een criterium kan dezelfde fout in meerdere beoordelingen terugkomen. Controleer het model altijd voordat je een hele klas laat nakijken.

Resultaatweergave kiezen

Open het model en ga naar Instellingen > Beoordeling. Kies een cijfer, voldoende/onvoldoende, drie niveaus, eigen labels of Alleen feedback. Stel bij eigen labels de percentagegrenzen en kleuren in. Bij alleen feedback worden het cijfer en de puntentotalen verborgen. Bij een invulvraag kun je met Leeg aangeven dat een invulgat leeg moet blijven. In de beoordeling kun je ieder invulgat met de goed/fout-schakelaar corrigeren.